Naar de inhoud
Herbs & Cultures

Traditie in Zuid-Amerika

Curanderismo van Noord-Peru

Wortels in de Moche-cultuur (100–800); een levende traditie

Afbeelding van Perubalsem
Perubalsem, Myroxylon balsamum (var. pereirae)Franz Eugen Köhler, Köhler's Medizinal-Pflanzen · Public domain

Geschiedenis

Het noorden van Peru loopt van de kustwoestijn bij Trujillo, Chiclayo en Piura via het droogbos en de bergen tot in het Amazonegebied. Weinig streken ter wereld hebben zo'n rijke geneeskrachtige flora. De Peruaanse antropologe Lupe Camino noemde het noorden een deel van de 'gezondheidsas' van de Andes, een gebied van Zuid-Ecuador tot Noord-Bolivia waar genezers al heel lang planten verzamelen en ruilen.

De traditie is oud. Archeologen vonden resten van de San Pedro-cactus op vindplaatsen die duizenden jaren oud zijn. De Moche, die tussen ongeveer 100 en 800 aan deze kust leefden, beeldden genezers af op hun aardewerk, net als de San Pedro, de zaden van cabalonga en die van ishpingo. In het graf van de Heer van Sipán, een Moche-vorst, zijn resten van zulke planten gevonden.

Op het Moche-aardewerk staat ook een raadselachtige, kommavormige vrucht met een groot kelkje, die onderzoekers ulluchu noemen. Hij hangt aan de gordels van krijgers en boodschappers en zweeft rond priesters en offerscènes, en echte vruchten zijn in graven gevonden. Welke plant het is, weet niemand zeker. Bussmann en Sharon denken aan een Guarea, een boom uit het Amazonegebied waarvan de zaden giftige alkaloïden bevatten, en vermoeden dat de Moche die bij offers en misschien als snuif gebruikten. Dat is een hypothese, die nog niet door chemisch onderzoek is bevestigd. Ook de naam is onzeker: de archeoloog Rafael Larco Hoyle gebruikte hem in de jaren dertig, maar in de woordenboeken van het Mochica komt hij niet voor.

Na de Spaanse verovering vermengde de inheemse geneeskunde zich met het katholicisme en met Spaanse ideeën over ziekte. In de jaren 1780 liet bisschop Baltasar Martínez Compañón van Trujillo alles in zijn bisdom beschrijven en schilderen, ook de nuttige planten. Volgens de botanicus Rainer Bussmann en de antropoloog Douglas Sharon wordt ongeveer 40 procent van die planten nog op de markten van de kust verkocht. Een derde wordt alleen nog in het Amazonegebied gebruikt, en de rest raakte in onbruik. Tegelijk kwamen er veel nieuwe planten bij. Volgens hen konden genezers in Peru vrijer experimenteren dan in Ecuador, waar traditionele geneeskunde lang werd vervolgd.

Kernideeën

Curanderos en curanderas, mannelijke en vrouwelijke genezers, behandelen lichaam en ziel tegelijk. Veel klachten waarvoor mensen bij hen komen, heten in het Spaans susto of espanto (schrik), mal aire of mal viento (kwade lucht), mal ojo (het boze oog), envidia (afgunst) en daño (schade door betovering). Volgens Bussmann en Sharon gaat meer dan een kwart van al het plantgebruik dat ze vastlegden over zulke 'magische' klachten.

Planten hebben een eigen karakter: ze zijn warm of koud, en sommige zijn sterk of zelfs gevaarlijk. Planten uit het hooggebergte, vooral van rond de heilige meren, gelden als extra krachtig. De bekendste zijn Las Huaringas bij Huancabamba, waar genezers en patiënten naartoe trekken.

Bij hun werk gebruiken genezers een mesa, een altaar op een doek. Daarop liggen schelpen, stenen, staven en oud aardewerk, naast kruisen en heiligenbeelden. De oude Andeswereld en het christendom staan er naast elkaar: in de gebeden worden Christus en de heiligen aangeroepen, maar ook de bergen, de apus, en de meren.

Kennis en overdracht

Een genezing begint vaak met een limpia, een reiniging: de genezer strijkt de patiënt af met planten, een ei of een cavia en besproeit hem met gewijd water en parfum. Uit de cavia leest de genezer daarna af wat de patiënt mankeert. Na een ceremonie volgt vaak een baño de florecimiento, een 'bloeibad' met bloemen en geurige kruiden. Patiënten krijgen soms een seguro mee: een flesje met kruiden, parfum en persoonlijke dingen, dat hen beschermt en geluk brengt.

Genezers werken zelden met één plant. Bussmann en Sharon legden 974 verschillende mengsels vast, meestal van twee tot zeven planten. Voor gewone klachten, zoals hoest of nierklachten, gebruiken genezers vaak dezelfde mengsels. Voor spirituele klachten heeft elke genezer een eigen recept, dat hij of zij goed bewaart. De meeste middelen worden in water gekookt. Bij laboratoriumtests bleken extracten in alcohol vaak veel giftiger dan die in water: de traditionele bereiding is in veel gevallen de veiligere. Bij dezelfde tests remden planten die genezers tegen infecties gebruiken veel vaker bacteriën dan planten zonder zo'n toepassing: volgens Bussmann en Sharon ongeveer driekwart tegenover een derde. Planten die vooral in seguros gaan, deden dat zelden.

Veel plantnamen tonen de geschiedenis. Ongeveer twee derde van de namen is Spaans. De rest komt uit het Quechua, zoals cuti cuti, of uit het uitgestorven Mochica, zoals espingo.

Teksten en figuren

De kennis wordt mondeling doorgegeven, van genezer op leerling en binnen families. Spaanse kroniekschrijvers zoals Nicolás Monardes, José de Acosta en Bernabé Cobo beschreven de nuttige planten van Peru. Later volgden de botanici Hipólito Ruiz en José Pavón en de Italiaan Antonio Raimondi.

De antropoloog Douglas Sharon werkte in de jaren zeventig met de curandero Eduardo Calderón uit Trujillo. Zijn boek Wizard of the Four Winds (1978) en de film Eduardo the Healer maakten het noordelijke curanderismo wereldwijd bekend. Samen met Bussmann beschreef hij later 510 geneeskrachtige planten van de markten van Trujillo en Chiclayo, met ongeveer 2.500 toepassingen. In hun boek Medicinal Plants of the Andes and the Amazon (2015) benadrukken ze dat de kennis eigendom blijft van de genezers en verkopers die haar deelden.

Peru erkent traditionele geneeskunde steeds meer. In 1991 kwam er een Nationaal Instituut voor Traditionele Geneeskunde, met de arts Fernando Cabieses als eerste directeur. Sinds 1999 heeft de sociale verzekering EsSalud centra voor complementaire geneeskunde, onder meer in Trujillo, waar artsen geneeskrachtige planten voorschrijven. In 2022 verklaarde het ministerie van Cultuur het traditionele gebruik van San Pedro in het noorden tot cultureel erfgoed.

Vandaag

Op de markten van Trujillo en Chiclayo, zoals de Mercado Mayorista en de Mercado Modelo, verkopen tientallen kramen geneeskrachtige planten. Kleine kramen hebben vooral gewone kruiden, zoals kamille, paardenstaart en eucalyptus. Grote kramen zijn gespecialiseerd in alles wat genezers nodig hebben, van 'magische' planten tot parfums en amuletten. Volgens Bussmann en Sharon brengt de handel op deze markten zo'n 1,2 miljoen dollar per jaar op.

De traditie verandert mee. Genezers nemen nieuwe planten op, zoals noni, en sommige gebruiken nu ook ayahuasca uit het Amazonegebied. Veel mensen combineren kruiden met reguliere medicijnen.

Er zijn ook zorgen. Planten worden vaak als poeder verkocht, waardoor niemand kan zien welke soort het is. Verschillende soorten gaan onder één naam over de toonbank, en voor 'kattenklauw' wordt soms een heel andere plant verkocht. Sommige soorten worden overoogst, zoals kattenklauw, huamanripa en hercampuri. De natuur waar de planten groeien, verdwijnt door de groei van de steden, grote suiker- en rijstplantages en mijnbouw in de bergen, ook bij de heilige meren.

Natuur in de traditie

De markten verkopen planten uit alle hoeken van het land. Uit de kustwoestijn en het droogbos komen palo santo, waarvan het hout als wierook wordt gebrand, en tara, waarvan de peulen dienen om te gorgelen bij keelpijn. De molle (pirul) is een boom die bij reuma en hoest en voor reinigingen wordt gebruikt. Van de peulen van de algarrobo kookt men een zoete stroop die als versterking en bij hoest wordt gegeven.

Uit de bergen komen bittere planten als hercampuri, corpus way en andere gentianen, gebruikt bij lever-, gal- en suikerklachten. Daar horen ook pasuchaca, een van de meest verkochte middelen bij suikerziekte, de 'bloedzuiverende' canchalagua en de wortel van ratania, die rijk is aan looistoffen. Huamanripa dient bij hoest en astma, muña bij buikpijn en winderigheid, en manayupa bij ontstekingen. De bladeren van yacón worden bij suikerziekte gedronken, en de Peruaanse vlier (sauco) bij koorts en hoest. Reuzenpaardenstaart behoort tot de best verkochte middelen bij blaas- en nierklachten, net als achiote en chanca piedra, de 'steenbreker'.

Uit het Amazonegebied komen kattenklauw, sangre de grado, guayusa, matico en de geurige mucura, die in bloeibaden wordt gebruikt. De bast van chuchuhuasi en de parasitaire huanarpo worden in wijn of rietsuikeralcohol gelegd als versterkende drank, en de geurige zaden van ishpingo gaan in baden. Ook coca, kinabast, maca en tabak horen bij de Peruaanse kruidenkennis.

Veel dagelijkse middelen kwamen met de Spanjaarden mee: kamille (manzanilla), het meest verkochte kruid op de markten, wijnruit (ruda), alsem (ajenco), citroenmelisse (toronjil), rozemarijn (romero), venkel (hinojo), weegbree (llantén) en eucalyptus.

Een aantal planten is heilig of gevaarlijk en hoort alleen bij ervaren genezers: de San Pedro-cactus, de floripondio of misha, en de giftige cabalonga.

Respectvol omgaan

San Pedro en floripondio zijn het hart van de nachtelijke ceremonies. Op de kaart van San Pedro staat hoe de traditie de cactus bereidt, met de risico's en de wettelijke status; voor floripondio en cabalonga doen we dat bewust niet, omdat de werkzame en de dodelijke hoeveelheid dicht bij elkaar liggen. Mescaline, de werkzame stof in San Pedro, is in veel landen verboden; in Nederland staat ze op lijst I van de Opiumwet. Ceremonietoerisme zet de traditie onder druk. Curanderos uit het noorden hebben in een gezamenlijke verklaring hun zorgen geuit over het verzamelen van wilde San Pedro door buitenlanders.

De kennis in dit verhaal is opgeschreven door onderzoekers, maar hoort bij de genezers en verkopers die haar deelden. Peru heeft een wet die de collectieve kennis van inheemse volken beschermt, en een commissie tegen biopiraterij die onterechte octrooien aanvecht, bijvoorbeeld op maca.

Koop planten bij voorkeur van gekweekte of duurzaam geoogste herkomst, en wees voorzichtig met poeders van onbekende samenstelling.

Uit de keuken

Recepten uit deze traditie

Register

Kruiden in deze traditie

  • Let op

    Zuid-Amerika · Kruid · № 915

    Ratania

    Krameria lappacea (syn. Krameria triandra)

    Laag struikje dat half op de wortels van andere planten parasiteert. De rode wortel bevat veel looistoffen en werkt daardoor samentrekkend. In Europa staat ratanhiawortel in de farmacopee en wordt hij in mondwater en tandvleesmiddelen gebruikt.

    Kallawaya-geneeskunst+1
  • Let op

    Zuid-Amerika · Kruid · № 888

    Reuzenpaardenstaart

    Equisetum giganteum

    Grote paardenstaart, rijk aan silicium. Traditioneel als plasmiddel, zoals de Europese heermoes; goed bewijs ontbreekt.

    Kallawaya-geneeskunst+1
  • Let op

    Europa · Kruid · № 2

    Rozemarijn

    Salvia rosmarinus (syn. Rosmarinus officinalis)

    Een aromatisch keukenkruid met carnosinezuur en rozemarijnzuur. Een paar kleine studies wijzen op een licht effect van de geur op alertheid; dat het geheugen verbetert is niet aangetoond. Het blad wordt bij spijsverteringsklachten gebruikt.

    Klooster- en volkskennis+4Volksgeloof
  • Let op

    Zuid-Amerika · Kruid · № 875

    San Pedro

    Echinopsis pachanoi (syn. Trichocereus pachanoi)

    Snelgroeiende zuilcactus die mescaline bevat, een sterk bewustzijnsveranderende stof.

    Curanderismo van Noord-Peru
  • Let op

    Zuid-Amerika · Kruid · № 854

    Sangre de drago

    Croton lechleri

    Boom met een dik, bloedrood sap. Op de huid droogt het snel tot een beschermend laagje. Uit het sap is crofelemer gemaakt, sinds 2013 in de VS goedgekeurd tegen diarree bij mensen met hiv.

    Kruidenkennis van het Amazonegebied+1
  • Let op

    Midden-Amerika en Caraïben · Kruid · № 819

    Tabak

    Nicotiana rustica

    Ceremoniële plant van veel inheemse volken in Amerika. Tabak is verslavend en schadelijk voor de gezondheid.

    Maya-geneeskennis+10
  • Let op

    Zuid-Amerika · Kruid · № 877

    Tara

    Tara spinosa (syn. Caesalpinia spinosa)

    Doornige boom met rode peulen die zeer rijk zijn aan looistoffen. In laboratoriumtests remden extracten van de peulen verschillende bacteriën.

    Kallawaya-geneeskunst+1
  • Let op

    Europa · Kruid · № 72

    Venkel

    Foeniculum vulgare

    Het zaad wordt traditioneel gebruikt bij winderigheid, een opgeblazen gevoel en krampjes. Er zijn enkele kleine studies, maar het bewijs is beperkt.

    Grieks-Romeinse geneeskunde+9Volksgeloof
  • Let op

    Europa · Kruid · № 86

    Weegbree

    Plantago major

    Het blad wordt traditioneel gekneusd op insectenbeten, kleine wondjes en schaafplekken gelegd en als thee bij hoest gebruikt. Klinisch bewijs is beperkt.

    Klooster- en volkskennis+9Volksgeloof
  • Let op

    Europa · Kruid · № 242

    Wijnruit

    Ruta graveolens

    Traditioneel toegeschreven

    Antiseptisch, stimulerend, menstruatiebevorderend, slijmoplossend, krampwerend, ontwormend (kinderen); versterkt haarvaten (rutine); bij hysterie, winderigheid en koliek, beginnende verlamming, indigestie; olie urinedrijvend en huidprikkelend.

    Grieks-Romeinse geneeskunde+6Volksgeloof
  • Let op

    Zuid-Amerika · Kruid · № 878

    Yacón

    Smallanthus sonchifolius

    Composiet met zoete, knapperige knollen vol inuline en fructo-oligosachariden, die het lichaam nauwelijks opneemt. Het blad werd onderzocht bij suikerziekte; bewijs bij mensen ontbreekt.

    Curanderismo van Noord-Peru
  • Let op

    Midden-Amerika en Caraïben · Kruid · № 850

    Zuurzak

    Annona muricata

    Boom met een grote, zoetzure vrucht. Het blad wordt als kalmerende thee gedronken. Beweringen dat zuurzak kanker geneest, zijn niet bewezen.

    Kruidenkennis van de Caraïben+1