Prekoloniale wortels; hedendaagse gemeenschappen
De Maya leven al duizenden jaren in het zuiden van Mexico, Guatemala, Belize en delen van Honduras en El Salvador. In de klassieke periode, ruwweg van 250 tot 900, bouwden ze steden als Tikal, Palenque en Copán, en ontwikkelden ze een schrift, een kalender en een rijke kennis van planten en het menselijk lichaam.
Over hun geneeskunde in die tijd weten we vooral indirect: uit afbeeldingen, uit resten in aardewerk en uit wat later is opgeschreven. Na de Spaanse verovering in de zestiende eeuw werden de meeste Maya-boeken verbrand. Wat overbleef, mengde zich met Spaanse en katholieke invloeden.
Toch leven de tradities voort. Er zijn nu meer dan zes miljoen Maya, die ongeveer dertig verschillende Maya-talen spreken. Hun geneeskunde verschilt per streek, taal en dorp.
Kruiden in deze traditie (13)
Lees meer over deze traditie →
Inheemse en Spaans-katholieke wortels; levend in Latijns-Amerika en de VS
Curanderismo is de traditie van de curanderos en curanderas, traditionele genezers in Mexico, Midden-Amerika en het zuidwesten van de Verenigde Staten. De naam komt van het Spaanse curar, genezen.
De traditie heeft meerdere wortels. De Azteken en andere Mesoamerikaanse volken hadden een uitgebreide geneeskunde, met kennis van honderden planten. De Spanjaarden brachten de Europese leer van de lichaamssappen mee, de katholieke heiligen en eigen kruiden als wijnruit. Daarnaast speelden Afrikaanse en Arabische invloeden mee, via Spanje en via de slavenhandel.
Uit die mengeling ontstond in de koloniale tijd het curanderismo. In Texas werd Don Pedrito Jaramillo (1829–1907) een beroemde genezer, die duizenden mensen hielp. In Mexico werden Teresa Urrea, de "Heilige van Cabora", en El Niño Fidencio legendarisch.
Kruiden in deze traditie (22)
Lees meer over deze traditie →
Cacaodranken aantoonbaar vanaf ca. 1900 v.Chr.
Cacao is ouder dan de beschavingen die hem beroemd maakten. De plant werd minstens 5300 jaar geleden gedomesticeerd door de Mayo-Chinchipe-cultuur in het huidige Ecuador, en kwam later in Mesoamerika terecht. Aardewerk uit Chiapas en Veracruz, uit ongeveer 1900 tot 1750 v.Chr., bevat resten van cacaodranken.
De Olmeken, de Maya en de Azteken maakten van cacao een drank die de elite dronk bij feesten en ceremonies. Op Maya-vazen staat het woord kakaw in hiërogliefen. Bij de Azteken waren cacaobonen zo waardevol dat ze als betaalmiddel dienden.
In de zestiende eeuw kwamen de Spanjaarden met cacao in aanraking. Ze voegden suiker toe, en via Spanje veroverde chocolade in de zeventiende eeuw Europa.
Kruiden in deze traditie (8)
Lees meer over deze traditie →
Taíno-wortels; Afrikaanse en Europese invloeden sinds de 16e eeuw
Lang voor 1492 woonden de Taíno, de Kalinago en andere inheemse volken op de eilanden van de Caraïben. Ze kenden de planten van hun eilanden en gebruikten ze als voedsel, medicijn en bij ceremonies. Het woord tabak komt via het Spaans uit hun taal; de Taíno gebruikten tabak onder meer bij rituelen.
Na de Spaanse verovering stierven de meeste Taíno aan geweld, dwangarbeid en nieuwe ziekten. Een deel van hun kennis leefde voort in de families en dorpen die volgden. Vanaf de zestiende eeuw werden honderdduizenden Afrikanen tot slaaf gemaakt en naar de plantages op de eilanden gebracht. Zij namen hun eigen kennis van planten mee en leerden de planten van hun nieuwe omgeving kennen.
Uit die menging van inheemse, Afrikaanse, Europese en later ook Indiase en Chinese kennis groeide de kruidengeneeskunde die je nu op de eilanden vindt. Op de Engelstalige eilanden heet die bush medicine en bush tea, op Curaçao, Aruba en Bonaire rèmedi di tera.
Kruiden in deze traditie (13)
Lees meer over deze traditie →