Europa · Kruid · № 79
Alant
Inula helenium
De wortel wordt traditioneel gebruikt bij hoest met slijm en bronchitis; ze bevat veel inuline. Klinisch bewijs is beperkt.
Traditie in Europa
Geschriften vanaf de 5e eeuw v.Chr.

De Griekse geneeskunde begon niet met artsen maar met goden. In heiligdommen van Asklepios, zoals in Epidauros en op het eiland Kos, sliepen zieken een nacht in de tempel, in de hoop dat de god hen in een droom zou genezen of raad zou geven.
In de vijfde eeuw v.Chr. ontstond op Kos een andere benadering, verbonden met de naam Hippocrates (ca. 460–370 v.Chr.). De zogenoemde Hippocratische geschriften, zo'n zestig teksten van verschillende auteurs, zoeken de oorzaak van ziekte niet bij de goden, maar in het lichaam, de voeding, het klimaat en de leefwijze.
Later bouwden anderen hierop voort. Theophrastos schreef in de vierde eeuw v.Chr. het eerste grote werk over planten. In de eerste eeuw n.Chr. beschreef de Griekse legerarts Dioscorides in De materia medica zo'n zeshonderd planten en hun gebruik. Galenus (129–ca. 216), een arts uit Pergamon die in Rome werkte, bracht alles samen in een enorm oeuvre dat ruim vijftienhonderd jaar de Europese en islamitische geneeskunde zou bepalen.
De kern van de klassieke geneeskunde is de leer van de vier lichaamssappen: bloed, slijm, gele gal en zwarte gal. Ze horen bij de vier elementen en de vier kwaliteiten: warm, koud, droog en vochtig. Gezondheid is een goede menging van de sappen, krasis; ziekte is een verstoring ervan.
Galenus werkte dat uit tot een leer van temperamenten. Naar welk sap overheerst, is iemand sanguinisch, flegmatisch, cholerisch of melancholisch. Die woorden gebruiken we nog steeds.
De behandeling volgde de natuur. Het lichaam heeft een eigen genezende kracht, en de arts ondersteunt die met voeding, rust, beweging, baden en middelen. Voeding, diaita, was het eerste geneesmiddel.
Artsen leerden het vak in families, in scholen als die van Kos en Knidos, of bij een meester. In Alexandrië werd in de derde eeuw v.Chr. zelfs het menselijk lichaam onderzocht door ontleding.
De eed van Hippocrates, met beloften om de patiënt geen kwaad te doen en geheimhouding te bewaren, laat zien dat artsen zich als een beroepsgroep met eigen ethiek zagen.
Naast de geleerde artsen waren er kruidenverzamelaars, rhizotomoi, die wortels en planten groeven en verkochten, vaak met eigen rituelen en geheimen.
De Hippocratische geschriften behandelen onder meer de natuur van de mens, lucht, water en plaatsen, epidemieën en de eed. Ze vormen het begin van de westerse medische literatuur.
De materia medica van Dioscorides bleef eeuwenlang het belangrijkste werk over geneeskrachtige planten. Een prachtig geïllustreerd handschrift ervan, de Weense Dioscorides uit 512, staat op de UNESCO-lijst van het werelddocumentair erfgoed.
Ook de Naturalis Historia van Plinius de Oudere en het werk van Celsus, De medicina, zijn belangrijke bronnen. Galenus schreef honderden werken; vele zijn via Arabische vertalingen bewaard gebleven.
De leer van de lichaamssappen is door de moderne geneeskunde vervangen, maar de invloed van de klassieke geneeskunde is overal. Medische termen komen uit het Grieks en Latijn, artsen leggen bij hun afstuderen vaak een eed af die op de Hippocratische is gebaseerd, en de staf van Asklepios met de slang is het symbool van de geneeskunde.
De nadruk op leefstijl, voeding en het voorkomen van ziekte is weer actueel.
Veel planten uit Dioscorides worden nog steeds gebruikt, en sommige zijn onderzocht en blijken werkzame stoffen te bevatten.
De klassieke geneeskunde gebruikte honderden planten uit het Middellandse Zeegebied. Olijfolie was de basis van zalven en de keuken. Laurier was heilig voor Apollo, de vader van Asklepios. Munt, venkel, wijnruit, knoflook en alsem kwamen veel voor.
Sommige planten waren gevaarlijk. Scheerling was het gif waarmee de filosoof Socrates in 399 v.Chr. ter dood werd gebracht. Alruin werd gebruikt als pijnstiller en slaapmiddel, en er hingen veel legenden omheen. De slaapbol leverde opium.
Een beroemde verdwenen plant is silphium uit Cyrene, in het huidige Libië, die zo gewild was dat hij al in de oudheid uitstierf.
De klassieke geneeskunde is de basis van de Europese én de islamitische geneeskunde. Ze is bewaard en verrijkt door Arabische en Perzische geleerden.
Lees de oude teksten als geschiedenis. Sommige middelen, zoals scheerling en alruin, zijn dodelijk giftig.
Uit de keuken
Register
Europa · Kruid · № 79
Inula helenium
De wortel wordt traditioneel gebruikt bij hoest met slijm en bronchitis; ze bevat veel inuline. Klinisch bewijs is beperkt.
Europa · Kruid · № 835
Mandragora officinarum
Zeer giftige plant met tropaanalkaloïden, in de oudheid gebruikt als pijnstiller en slaapmiddel.
Europa · Kruid · № 63
Artemisia absinthium
Een van de bitterste kruiden; traditioneel gebruikt om eetlust en spijsvertering op gang te brengen en tegen darmwormen. Klinisch bewijs is beperkt.
Azië · Kruid · № 228
Pimpinella anisum
Traditioneel toegeschreven
Geeft een natuurlijk lipvergrotend effect.
Europa · Voeding · № 65
Asparagus officinalis en A. racemosus
Voedzame groente; wortel en scheuten werden traditioneel als plaspoeder gebruikt. Er is geen goed bewijs voor een geneeskrachtig effect.
Afrika · Kruid · № 413
Anacyclus pyrethrum
Traditioneel toegeschreven
Speekselbevorderend, zenuwversterkend; bij kiespijn en cariës, keelpijn, amandelontsteking, epilepsie, reuma.
Europa · Kruid · № 93
Betonica officinalis (syn. Stachys officinalis)
Traditioneel gebruikt bij spanningshoofdpijn en nervositeit. Modern klinisch onderzoek ontbreekt.
Europa · Kruid · № 513
Hyoscyamus niger
Traditioneel toegeschreven
Bedwelmend, verdovend, pijnstillend, kalmerend, krampwerend, pupilverwijdend.
Europa · Kruid · № 233
Cupressus sempervirens
Traditioneel toegeschreven
Antiseptisch, krampwerend, kalmerend, urinedrijvend.
Europa · Kruid · № 56
Achillea millefolium
Traditioneel gebruikt om kleine wondjes te stelpen, bij koorts en verkoudheid en als bitter voor de spijsvertering. Klinisch bewijs is beperkt.
Europa · Kruid · № 76
Gentiana lutea
De wortel is een van de bitterste stoffen die bekend zijn en wordt van oudsher gebruikt om eetlust en spijsvertering te stimuleren. Studies zijn klein.
Europa · Kruid · № 836
Conium maculatum
Dodelijk giftige schermbloemige. Het gif coniine verlamt de spieren, ook de ademhaling.
Europa · Kruid · № 59
Althaea officinalis
Wortel en blad bevatten veel slijmstoffen die een verzachtend laagje vormen; ze worden gebruikt bij droge hoest, keelirritatie en een geprikkelde maag. Het bewijs is bescheiden.
Europa · Kruid · № 103
Verbena officinalis
Traditioneel gebruikt bij nervositeit, uitputting en als bitter voor de spijsvertering. Wetenschappelijk bewijs ontbreekt grotendeels.
Azië · Kruid · № 461
Cinnamomum tamala
Traditioneel toegeschreven
Windverdrijvend, stimulerend, urine- en zweetdrijvend, ontstoppend, melkbevorderend; bij gebrek aan eetlust, blaasklachten, droge mond, verkoudheid, diarree, misselijkheid, indigestie, winderigheid, braken.
Europa · Kruid · № 203
Iris florentina (I. germanica 'Florentina')
De gedroogde wortel (orriswortel) ruikt naar viooltjes en is een geurfixeerder in parfum en potpourri. Medicinaal werd ze bij hoest en kinderen bij het tanden gebruikt; ze kan allergieën veroorzaken.
Azië · Kruid · № 130
Nardostachys jatamansi
In de Ayurveda gebruikt als kalmerend middel bij slapeloosheid en onrust. Er is vooral dierproefonderzoek; klinisch bewijs ontbreekt.
Europa · Kruid · № 100
Tussilago farfara
Een van de oudste hoestkruiden; het blad bevat verzachtende slijmstoffen. Door de giftige alkaloïden wordt het nu afgeraden.
Afrika · Voeding · № 12
Allium sativum
Voedingsmiddel met een lange gebruiksgeschiedenis. Supplementen zijn onderzocht, maar eventuele gezondheidseffecten zijn beperkt en geen vervanging voor zorg.
Afrika · Kruid · № 464
Citrullus colocynthis
Traditioneel toegeschreven
Drastisch laxerend en urinedrijvend; in grote doses braakopwekkend en zeer irriterend; bij ascites, geelzucht, urineziekten, reuma, galklachten, darmparasieten, obstipatie, oedeem; zaadolie bij slangen- en schorpioenbeten.
Europa · Kruid · № 102
Verbascum thapsus
Blad en bloemen bevatten slijmstoffen en worden traditioneel bij prikkelhoest en bronchitis gebruikt; de olie van de bloemen bij oorpijn. Klinisch bewijs is beperkt.
Europa · Kruid · № 231
Coriandrum sativum
Traditioneel toegeschreven
Aromatisch, stimulerend, windverdrijvend, maagversterkend, verkoelend, versterkend, urinedrijvend; bij winderigheid, koliek, reuma, zenuwpijn, keelpijn, indigestie, braken, verkoudheid, galklachten.
Europa · Kruid · № 213
Laurus nobilis
Laurierblad is een keukenkruid met cineol en eugenol. De olie van de vruchten werd uitwendig bij spierpijn gebruikt; een medicinale werking is nauwelijks onderzocht.
Europa · Kruid · № 44
Lavandula angustifolia
Geurige plant voor bad- en parfumproducten en aromatherapie. Bewijs voor medische effecten is voorlopig.
Europa · Kruid · № 113
Marrubium vulgare
Een bitter kruid dat traditioneel bij hoest met taai slijm en bronchitis wordt gebruikt. In Europa is het als traditioneel kruidengeneesmiddel erkend; klinisch bewijs is beperkt.
Azië · Kruid · № 216
Origanum majorana
Een mild aromatisch keukenkruid, verwant aan oregano. Het werd als thee bij een opgeblazen buik, verkoudheid en onrust gedronken; onderzoek bij mensen is schaars.
Afrika · Anders · № 28
Commiphora myrrha
Een gomhars met een lange geschiedenis in geneeskunde, ritueel, parfum en wierook. Moderne behandelclaims zijn niet vastgesteld.
Europa · Kruid · № 291
Vitex agnus-castus
Traditioneel toegeschreven
Stimuleert de hypofyse en de hormoonproductie.
Europa · Kruid · № 3
Mentha × piperita
Pepermuntolie is in studies onderzocht bij het prikkelbare-darmsyndroom en vermindert daar mogelijk buikpijn. Thee wordt gebruikt bij een volle maag en misselijkheid. Bij maagzuur kan pepermunt klachten verergeren.
Europa · Voeding · № 362
Olea europaea
Olijfolie vormt de basis van het mediterrane dieet, dat met een lagere kans op hart- en vaatziekten wordt verbonden. Olijfbladextract wordt verkocht als middel tegen infecties en hoge bloeddruk; het bewijs daarvoor is beperkt en er is geen bewijs dat het griep of andere virusinfecties behandelt.
Europa · Kruid · № 219
Petroselinum crispum
Een vitamine C- en K-rijk keukenkruid. Wortel en zaad werden als plaspoeder gebruikt. Grote hoeveelheden zaad of olie zijn giftig en kunnen weeën opwekken.
Azië · Kruid · № 132
Paeonia lactiflora en P. suffruticosa
De gepelde wortel (bai shao, witte pioen) wordt in de Chinese geneeskunde gebruikt bij krampen, menstruatiepijn en spierpijn. Er zijn studies naar combinatieformules, maar weinig naar pioen alleen.
Europa · Kruid · № 590
Mentha pulegium
Traditioneel toegeschreven
Stimulerend, samentrekkend, menstruatiebevorderend, zweetdrijvend; brengt uitgestelde menstruatie op gang, kalmeert de maag, verlaagt plotselinge hoge koorts.
Europa · Kruid · № 91
Salix alba
De bast bevat salicine, dat in het lichaam deels wordt omgezet in salicylzuur. Er zijn aanwijzingen voor een matig effect bij lage rugpijn en gewrichtspijn.
Europa · Kruid · № 43
Hypericum perforatum
Kan volgens onderzoek helpen bij lichte tot matige depressie; voor andere toepassingen is het bewijs onvoldoende.
Azië · Kruid · № 180
Papaver somniferum
Het melksap van de onrijpe zaadbol (opium) bevat morfine, codeïne en andere alkaloïden. Morfine en daarvan afgeleide opioïden zijn onmisbare pijnstillers in de moderne geneeskunde, maar zeer verslavend. De zaden (maanzaad) zijn een gewoon voedingsmiddel.