Duizenden generaties; specifieke geschiedenissen per gemeenschap
De Aboriginals en Torres Strait Islanders, de eerste volken van Australië, onderhouden een van de oudste levende culturen ter wereld. Archeologisch onderzoek wijst op meer dan 60.000 jaar bewoning. Voor de Europese kolonisatie waren er meer dan 250 talen, elk met een eigen land, Country, en eigen kennis.
De Torres Strait Islanders, van de eilanden tussen Australië en Papoea-Nieuw-Guinea, hebben een eigen, Melanesische cultuur, die verschilt van die van de Aboriginals op het vasteland.
De kolonisatie vanaf 1788 bracht ziekten, geweld, verlies van land en het weghalen van kinderen bij hun families. Veel kennis ging verloren of werd verborgen. Vanaf de jaren zeventig namen Aboriginal-gemeenschappen de zorg weer zelf in handen. In 1971 werd in Redfern, Sydney, de eerste Aboriginal Medical Service opgericht.
Kruiden in deze traditie (11)
Lees meer over deze traditie →
Māori-kennis doorgegeven over generaties
Rongoā Māori is het traditionele geneessysteem van de Māori in Aotearoa Nieuw-Zeeland. Het omvat kruidenmiddelen (rongoā rākau), behandeling van het lichaam zoals mirimiri (massage) en spirituele zorg met karakia (gebeden en bezweringen). De kennis werd mondeling doorgegeven.
Toen de Polynesische voorouders van de Māori zo'n zevenhonderd jaar geleden per kano aankwamen, troffen ze een plantenwereld die grotendeels nieuw voor hen was. In generaties van zorgvuldige waarneming bouwden ze kennis op van inheemse planten als kawakawa, harakeke, mānuka en kōwhai. Toen Europeanen arriveerden, bestond er al een uitgebreid stelsel van zorg, met kennis van het lichaam en van de geneeskracht van planten.
De kolonisatie bracht nieuwe ziekten, landverlies en druk om Europese geneeskunde te volgen. In 1907 nam het parlement de Tohunga Suppression Act aan, gericht tegen tohunga die genazen met een beroep op spirituele krachten. Opvallend genoeg werd de wet gesteund door invloedrijke Māori, onder wie de arts Māui Pōmare en de politicus Āpirana Ngata, uit zorg om charlatans en volksgezondheid. Er volgden weinig veroordelingen, maar rongoā verdween uit het zicht en sommige tohunga gaven hun kennis niet meer door. De wet werd pas in 1962 ingetrokken.
Kruiden in deze traditie (9)
Lees meer over deze traditie →
Duizenden jaren; gebruiken verschillen per eiland en gemeenschap
Kava (Piper methysticum) is een struik uit de peperfamilie, waarvan de wortel een licht verdovende drank geeft. De plant werd waarschijnlijk duizenden jaren geleden in Vanuatu gedomesticeerd en verspreidde zich met de Polynesische en Melanesische zeevaarders over de Stille Oceaan.
Kava is diep verweven met de culturen van Fiji, Samoa, Tonga, Vanuatu, Hawaï en andere eilanden. De drank heeft vele namen: yaqona in Fiji, ʻava in Samoa, ʻawa op Hawaï.
Europeanen leerden kava kennen tijdens de reizen van James Cook in de achttiende eeuw. De naturalist Georg Forster gaf de plant in 1786 haar wetenschappelijke naam, die "bedwelmende peper" betekent.
Kruiden in deze traditie (1)
Lees meer over deze traditie →
Van vóór 1778; na lange onderdrukking opnieuw erkend
Lāʻau lapaʻau is de traditionele plantengeneeskunde van de inheemse Hawaïanen. De Polynesische zeevaarders die Hawaï bevolkten, brachten in hun kano's planten mee die ze nodig hadden: de "kanoplanten", zoals ʻawa, kukui, noni, ʻōlena en kī.
De genezers, kahuna lāʻau lapaʻau, werden tientallen jaren opgeleid. Ze kenden de planten, de gebeden en de diagnose, en hadden een hoge status.
Na de komst van westerse missionarissen in 1820 en de verspreiding van het christendom werd de traditionele geneeskunde onderdrukt. De wetten van Hawaï bestraften kahuna die genezing beoefenden met boetes of gevangenisstraf; alleen lomilomi, massage, bleef toegestaan. Pas in 1988 erkende het Amerikaanse Congres lāʻau lapaʻau in de Native Hawaiian Health Care Act.
Kruiden in deze traditie (7)
Lees meer over deze traditie →
Māori-kennis over generaties; honing als modern erfgoedproduct
Mānuka (Leptospermum scoparium) is een struik of kleine boom die in heel Aotearoa Nieuw-Zeeland groeit, van de kust tot de bergen. Voor Māori is mānuka een taonga, een kostbaar bezit, verbonden met Tāne, de atua van het woud.
Het harde hout werd gebruikt voor gereedschap, wapens, peddels, palissaden en brandhout. De bladeren, bast en hars werden in rongoā gebruikt.
Toen James Cook in de jaren 1770 Nieuw-Zeeland bezocht, zette zijn bemanning thee van de bladeren. Daarom heet de plant in het Engels ook tea tree. In de twintigste eeuw werd mānuka wereldberoemd door de honing.
Kruiden in deze traditie (4)
Lees meer over deze traditie →